Woordvoerder
Deel deze release
Deel op: Twitter
Deel op: Facebook
Deel op: LinkedIn
Laatste nieuws
Rotterdam,
14
oktober
2014

Warmtetransport over water

Samenvatting

“Om de duurzaamheidsdoelen te halen in 2023 zullen we het overschot aan (duurzame) restwarmte uit de industrie optimaler moeten benutten”, zegt Egbert Klop van adviesbureau DWA. Het bureau bedacht een manier om warmte over water te vervoeren en de fysieke afstand tussen aanbod en vraag zonder energieverlies te overbruggen.

Warmtetransport zonder leidingen, maar in duwbakken over kanalen en rivieren. Dat kan, zegt Klop. “Technisch is het allemaal mogelijk, nu is het vooral belangrijk om na te gaan of het een interessante business case oplevert.” Het consortium dat het concept van de ‘varende warmte’ ontwikkelt, bestaat uit DWA, ECN, Bronswerk Heat Transfer, Visser Smit Hanab en Stemat.

Haalbaarheidsstudie

DWA heeft vorig jaar in opdracht van de Provincie Zeeland een haalbaarheidsstudie naar ‘varende warmte’ uitgevoerd. Daaruit bleek dat vanaf een warmtebehoefte voor ruim 3.000 woningequivalenten het transporteren van warmte met een duwbak economisch haalbaar is. Industriële restwarmte kan zo per schip worden vervoerd naar verder weg gelegen stadswijken, zegt Klop. “Volgend jaar willen wij samen met de consortiumpartners van Varende Warmte een proefproject beginnen.”

Warmte vasthouden

Restwarmte is op heel veel plaatsen voorhanden. Overal waar industrie is, komt warmte vrij die in veel gevallen onbenut blijft omdat de afstand tussen industrie en gebouwde omgeving te groot is om het via pijpleidingen te transporteren, zegt Klop. Ook de ongelijktijdigheid van vraag en aanbod speelt een rol. Door gebruik te maken van zogenoemde Phase Change Materials (PCM’s), faseovergangsmaterialen (zoals suikeralcoholen, vetzuren en paraffines), kan diezelfde restwarmte wel per schip worden vervoerd.Klop: “Deze PCM’s hebben de eigenschap warmte op te nemen, vast te houden en weer af te geven. Bij de overgang van de vaste fase naar vloeistof (smelten) wordt warmte opgeslagen. Tijdens het stollen gebeurt het omgekeerde en komt de vastgehouden warmte weer vrij. Het overgangsmateriaal zit in goed geïsoleerde tanks, gemonteerd in duwbakken.”

Duizenden woningen

Met die ‘varende’ warmte kunnen volgens Klop straks tussen de 3.500 tot 15.000 woningen die zijn aangesloten op stadsverwarmingsnetten van warmte worden voorzien. Daarboven is een vast leidingnet voor het transport van de warmte attractiever. Voor een woonwijk van 3.500 woningen zijn per jaar ruim 100 duwbakken nodig, rekent hij voor. “Dat is iedere drie tot vijf dagen één duwbak met warmte die op en neer vaart. ’s Winters uiteraard meer dan in de zomermaanden.”

Duurzame warmte

Klop: “Niet alleen voor restwarmte uit de industrie maar ook vervoer van op andere duurzame wijzen geproduceerde warmte biedt vervoer over water grote toekomstpotenties. Ook daar is sprake van ongelijktijdigheid van vraag en aanbod. Hier is niet de vraag van transporteerbaarheid een knelpunt, maar de overbrugging van de tijdsperiode tussen duurzame energieproductie en de warmtevraag. Naarmate het opwekkingspotentieel van duurzame energie toeneemt, wordt de behoefte aan opslag en mobiliteit alleen maar groter.”

Bron: Corporate Communications